Doen alsof je thuis bent

‘Heeft u kippeborst?’, vraagt Jeannette.
Het lijkt een retorische vraag. Op de vrieskist is een vel papier geplakt met de aanbiedingen. Hamburgers, worstjes en kippeborst staat er op. Maar niet zelden blijkt een winkel niet alles te hebben.
‘Ja, hoor’, zegt de vrouw achter de toonbank met een stalen gezicht, alsof ze altijd kippeborst in huis heeft.
De vrieskist gaat open en ze haalt er een plastic zak uit met een kippeborst van één kilo. Een beetje veel voor ons. Ze duwt de ingevroren ribbenkast van een varken opzij en haalt een paar andere zakken te voorschijn. Maar de kippeborsten worden er niet kleiner op. Tussen de zakjes vindt ze ook nog een stevige kippepoot van ruim een pond.
‘Doe die maar’, zegt Jeannette.

Gisteren, vrijdag aan het eind van de middag zijn we aangekomen in Villa Cerro Castillo. Een klein plaatsje aan het einde van de verharde weg, bijna 100 kilometer ten zuiden van Coyhaique. Bij Villa Cerro Castillo houdt de verharde weg op. Vanaf hier naar het zuiden zijn alleen nog maar gravelwegen, tot het einde van de Carretera Austral, tot Villa O’Higgins aan de Argentijnse grens.

We hebben bijna 100 kilometer gelopen in drie dagen en willen een dagje uitrusten in Villa Cerro Castillo. We dachten dat het een toeristisch plaatsje zou zijn met genoeg overnachtingsmogelijkheden en leuke restaurantjes. Dat valt tegen. Niet dat er geen hostals zijn, die zijn er wel, maar hele eenvoudige. Twee eenpersoonsbedden op een klein kamertje en een gedeelde douche en toilet. Voor een dagje uitrusten zoeken we liever een plek met iets meer luxe en privacy. Na lang zoeken vinden we een eenvoudige cabaña. Een klein huisje voor ons zelf. Slaapkamertje, woon- en eetkamertje met een keukenblokje en een badkamertje. Hier gaan we de zaterdag doorbrengen.

We slapen lekker uit en ontbijten rustig. Met een kop koffie in de hand controleren we onze e-mail en lezen het laatste nieuws op nu.nl. We hebben een modem van Entel, een van de Chileense telefoonmaatschappijen. Overal waar Entel mobiel bereik heeft, kunnen we internet op. Het is een pre-paid systeem. Via winkeltjes kunnen we ons saldo opwaarderen en daarmee kunnen we internet-tijd kopen. Meestal kopen we een uur, maar vandaag hebben we voor de hele dag gekocht.

’s Middags gaan we inkopen doen voor het stuk naar Puerto Rio Tranquilo, 125 kilometer en 4 dagen lopen verder. We gaan ook op zoek naar eten voor vanavond. Nu we een keukentje hebben gaan we lekker zelf koken. Blij met de forse kippepoot en het idee om kip in pindasaus te maken gaan we op zoek naar de rest van de boodschappen.

In de grootste supermarkt van het dorp proberen we onze verdere inkopen te doen. De kleine, smalle ruimte staat tjokvol met lage vitrines, tegen de muren staan stellages die tot het plafond reiken. Ze verkopen hier vanalles, van haarverf tot melkpoeder en van wijn tot inpakpapier. Op de grond staan niet uitgepakte dozen voorraad, zakken wortelen en aardappels. Toch valt het tegen wat ze hier hebben. We kunnen lang niet alles kopen wat we nodig hebben en ik krijg heimwee naar de Plusmarkt in Den Hoorn. Ook daar is niet altijd alles aanwezig, maar wat zou ik graag weer eventjes door de Plus lopen om de ingrediënten voor ons avondmaal aan te schaffen. Een feestmaal zou het worden, met verse paprika en een salade van tomaat, komkommer en ijsbergsla. Hier moet ik genoegen nemen met een wortel en een ui.

Uiteindelijk gaan we alle vier de winkeltjes in dit plaatsje af voor we bijna alles hebben. De rest van de middag besteden we aan het koken. Lekker langzaam, lekker rustig, ‘slow food’. We koken de kippepoot en van de bouillon maken we soep. Het kippevlees mengen we met een gefruit uitje en geroerbakte wortel. Met pindakaas en een verse tomaat maken we pindasaus. Geen ‘haute cuisine’, maar wel een feestmaal voor ons. Het lijkt net een zaterdag thuis.

Na het eten kopen we twee flesjes D’olbek bij een restaurantje op de hoek. We pakken twee stoelen uit ons huisje en installeren ons op straat. Voorzichtig maken we de flesjes D’olbek open. ‘Het Belgische bier van Patagonië’, staat er op het etiket. Het kan niet tippen aan de La Chouffe van een paar dagen geleden, maar het smaakt uitstekend. Ik nip het bier in kleine slokjes rustig naar binnen en geniet van de zonsondergang. Net voor de zon ondergaat komt hij onder de wolken vandaan en zet hij de bergen in een oranje gloed. Cerro Castillo torent zwart-wit boven de andere bergen uit. Ik kan wel doen alsof ik thuis ben, maar dat ben ik gelukkig niet.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Region 11: Aysen. Bookmark de permalink .

Een reactie op Doen alsof je thuis bent

  1. Wat heerlijk herkenbaar! Wij zijn net terug van onze 5 weken reis door Australië en Nieuw Zeeland en konden ook zo genieten van een zelfgemaakte maaltijd, die smaakte naar thuis. Jullie zijn veel langer onderweg, hoeveel sterker moet dat gevoel dan niet zijn?
    Geniet van deze zo enorm verdiende vrije dag!
    Warme groet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s