Verandering van spijs

‘Ik heb kip en vlees, met rijst erbij’, zegt de vrouw waar we overnachten.
Ik had het net zo goed niet kunnen vragen. Negen van de tien keer is dit het eten dat we krijgen. Standaard Chileens eten. Dertien-in-een-dozijn-eten.
‘Wat voor vlees?’, vraag ik.
‘Chuletas.’
Koteletjes, prima. Ik vind het helemaal niet erg om dit vanavond te eten. Na een lange wandeldag kwamen we rond zeven uur aan in Villa Ortega en de bakker wist ons gelukkig te vertellen dat we hier misschien wel konden overnachten. Aan de buitenkant van het huis is nergens te zien dat deze señora onderdak biedt aan vermoeide reizigers of arbeiders. Ze heeft twee kleine kamertjes met twee bedden. Het was een warme dag, we zijn blij dat we neer kunnen ploffen op een bed, een verfrissende douche kunnen nemen en zo dadelijk aan een gedekte tafel aan kunnen schuiven.

De vrouw gaat aan het werk en stookt het houtfornuis op. Het was al warm in huis en met 28 graden buiten loopt de temperatuur in de keuken snel op naar bijna 40 graden. Ze zijn het hier niet gewend, zulk mooi weer en normaal gesproken is het heerlijk om in de keuken bij het warme fornuis te zitten terwijl de wind rond het huis raast en de regen tegen de ruiten klettert. Nu komt de vrouw af en toe zwetend de keuken uit en gaat bij het open raam in de kamer staan om even verkoeling te zoeken.

Om half negen, een beetje vroeg voor Chileense begrippen, gaan we eten. Op tafel staat een fles ‘aji’, een rode pittige saus, de Chileense versie van sambal. We krijgen om te beginnen een paar sopapillas, een soort platte oliebollen. Platte broodjes van deeg, gebakken in olie. Daarna serveert ze tot onze verrassing een cazuela. Een gevulde soep met een beetje rijst, vermicelli, groenten, een aardappel en een stukje kip met meer bot dan vlees. Het gebruikelijke stukje pompoen ontbreekt in deze soep, maar hij smaakt heerlijk. Ik had niet begrepen dat we deze typische Chileense soep voorgezet zouden krijgen, maar ik vind het wel prettig om nog wat extra vocht binnen te krijgen op deze warme wandeldag. Door de hete soep zitten Jeannette en ik snel met zweetdruppeltjes op ons voorhoofd, puffend te eten. Na de soep volgen de koteletjes met rijst. Half over de rijst ligt een soort van groenteprutje, wat gare stukjes wortel, beetje mais, ui en erwtjes. Het zorgt er voor dat de droge rijst wat sappig wordt en gemakkelijk weg te werken is.

Ik eet het allemaal met smaak op. Ik heb honger en het gaat er goed in. Deze vrouw wist twee uur geleden nog niet dat we hier zouden eten en overnachten en ik ben blij dat ze een uitgebreide maaltijd voor ons klaar heeft gemaakt. Het zijn de gerechten die iedere vrouw in Chili altijd kan klaarmaken. Ze hebben er altijd de spullen voor in huis. Dat geldt ook voor de restaurants, hoewel je daar misschien iets meer zou verwachten.

Gisteren waren we in Villa Mañihuales en bij onze zoektocht naar een leuke plek om te eten kwamen we in een mooi restaurant op de eerste verdieping in een houten, blokhutachtig, gebouw. Door grote ramen keken we uit over de groene vallei. We installeren ons zo dat we allebei kunnen genieten van het uitzicht. Twee Chilenen die hier ook zitten, denken er heel anders over. Zij zitten met hun rug naar de ramen en zijn volledig gefocust op de grote flatscreen-TV die aan de muur hangt. Ze willen geen minuut missen van de dramatische soap die dagelijks uitgezonden wordt. Als ik aan de ober vraag of we hier kunnen eten, kijkt hij even bedenkelijk en loopt weg. In de keuken inspecteert hij de koelkast grondig. Even later komt hij ons verslag doen van zijn bevindingen.
‘Ik kan filet maken met friet en ik heb ook nog tomaat.’
‘Nou, doe dat dan maar’, sporen we hem aan.
Het is niet de eerste keer dat de keuze beperkt is in een restaurant. Ze hebben vrijwel nooit een kaart en bijna altijd horen we: ‘Ik heb kip en vlees, met rijst of puree’. Dat we nu friet krijgen is pure luxe. Als er wel een kaart is, zijn we inmiddels gewend om niet meteen enthousiast te worden over alle gerechten die erop staan. Want gaan we bestellen dan zegt de serveerster: ‘Ah, no hay’, dit is er niet. Drie van de vijf gerechten hebben ze niet en het antwoord op de vraag wat ze dan wel hebben kunnen we inmiddels wel dromen: ‘Ik heb kip en vlees, met rijst of puree’. Doe die menukaart maar weer weg.

Een goede uitzondering hierop zijn de Chinese restaurants. Als we die een tegenkomen gaan we er altijd eten. Ze hebben een uitgebreide menukaart en kunnen alles maken. Je kunt er ook meestal al om zeven uur terecht voor het avondeten, terwijl veel Chileense restaurants pas na acht uur weer open gaan. Jammer genoeg zijn er niet heel veel Chinezen in Chili en de laatste Chinees die we gezien hebben was in Curico, bijna 3 maanden en 1900 kilometer geleden.

De volgende dag lopen we naar Coyhaique. Het landschap verrast me. Het is anders dan ik me had voorgesteld en anders dan de voorgaande dagen. Dichte bossen en zwaar begroeide bergen met snelstromende rivieren hebben plaatsgemaakt voor licht gecultiveerd land. Heuvelachtige weiden worden geflankeerd door steile rotskliffen. Ik kan weer verder weg kijken en zie besneeuwde bergen aan de horizon.

Ook Coyhaique verrast me. Het is een oase in de woestijn, kleur na alleen maar zwart-wit. Na meer dan een maand en ruim 1000 kilometer lopen, komen we weer in een plaats met een echte supermarkt. Een grote winkel waar gewoon alles te koop is. Na weken lopen en alleen maar plaatsjes met een paar honderd, of hooguit duizend inwoners komen we weer in een stad. Een stad met restaurants. Ik verheug me al op het eten vanavond. Ik heb weer zin om een gerecht te kiezen van een kaart. En morgen ook, en overmorgen ook. Want we gaan pas over twee dagen weer weg uit Coyhaique. De volgende grote plaats ligt weer meer dan 1000 kilometer verder.

Als we twee dagen later vertrekken uit Coyhaique lopen we langs een Chinees. Die hadden we de afgelopen dagen niet gezien, we hadden er ook niet naar gevraagd. Ik heb er geen spijt van, het eten was gevarieerd genoeg. De komende maand verwacht ik weer kip en vlees met rijst of puree. Gelukkig is het Chileense landschap gevarieerder dan het Chileense eten. Want verandering van landschap…. doet lopen!

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Bijzonderheden, Region 11: Aysen. Bookmark de permalink .

2 reacties op Verandering van spijs

  1. Renee van Limborgh zegt:

    Tja, als je dan ’s hebt besloten weer eens ‘Hollands’ te eten, met gekookte aardappels, rode kool met appeltjes en sucadelapjes die 2 uur hebben liggen te stoven in roomboter en rode wijn met kruiden loopt het water je in de mond!
    Zo ook hier in het oude land hoor want al die buitenlandse gerechten zijn toppiewoppie maar het kan soms gaan vervelen…

    Mogen jullie na terugkomst ooit in de buurt zijn van Breda nodig ik (en Jules) jullie graag uit voor een super-oudhollands maal!

    Groet van Renée uit Breda.

  2. Koos Saathof zegt:

    Ja, een heel mooi landschap; mooie foto; maar wel ver lopen!
    En de volgende stad 1000km schrijf je? Dat is niet naast de deur.
    Zijn jullie nog wel goed op gewicht? Het lijkt me dat met zoveel lopen/werken en mager eten je gauw wat afvalt. Wij hebben net kip gegeten met rijst, met een heeeeerlijke zeer pittige saus (kerry, kokosmelk, kruiden en creme fraiche)!
    Hier is het nog steeds geen ‘winter’; het lijkt meer herfst met regen en veel wind en 5 a 10 graden.
    hartelijke groet,
    Koos

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s