Onverwacht in een hut

Vandaag beginnen we aan regio 2, regio Antofagasta, de Atacama woestijn aan de kust. Een bord boven de weg verwelkomt ons in deze nieuwe regio: “Regio Antofagasta: Mistiek en vol verrassingen”. We zullen zien.

Gisteren hebben we afscheid genomen van regio 1 en gids Billy en kennis gemaakt met gids Mauricio. Mauricio was speciaal voor ons uit Antofagasta naar Rio Loa gekomen, een tocht van 4 uur met de auto, enkele reis, 270 km. Wij gaan er zeker tien dagen over doen om naar Antofagasta te lopen. De afgelopen vijf dagen zijn we van Iquique naar Rio Loa gelopen, ruim 140 km. Ons laatste stuk door regio 1, ons laatste stuk onder ‘begeleiding’ van Billy. Dit stuk was nog redelijk bewoond. Regelmatig zien we wat huisjes aan de kust en elke 20 á 30 kilometer is er wel een dorpje met een winkeltje, soms zelfs met een restaurantje. We koken maar twee keer zelf.

Dat wordt anders in regio 2, verzekert Mauricio ons. Deze regio is dunbevolkt en ook aan de kust zijn nauwelijks dorpjes. Er is geen water en geen elektriciteit. Vanaf Rio Loa is Tocopilla de eerstvolgende plaats, 85 kilometer verder, en ertussen is helemaal niets. Geen dorpjes, geen water en geen eten. Goed om te weten en we bereiden ons mentaal voor op drie dagen lopen in eenzaamheid. Gelukkig hebben we Mauricio. Hij rijdt weer terug naar Antofagasta en gaat halverwege Rio Loa en Tocopilla voor ons drie 5-liter vaatjes water neerzetten.

Iets na acht uur vertrekken we uit Rio Loa. We willen ruim dertig kilometer lopen vandaag. Het landschap en het weer lijkt op dat van de afgelopen dagen. Regio 2 lijkt voorlopig veel op regio 1. De kustlijn is grillig, vaak rotsachtig en soms met een klein zandstrandje. Grote langgerekte golven, soms wel één tot twee meter hoog slaan met zware klappen stuk op de kust. Vanaf de kust rijzen bergen als een muur omhoog naar 700, 800 meter hoogte. Het zou een fotogeniek landschap zijn als het weer een beetje mee zou werken. Maar elke ochtend begint bewolkt, na een paar uur komt de zon er heel even doorheen, maar dan krijgen de wolken weer de overhand. En het is erg heiïg, het zicht is vaak beperkt tot hooguit duizend meter, soms slechts enkele honderden meters.
De dieren maken veel goed. De rotsen voor de kust zitten vol met pelikanen en aalscholvers. Regelmatig horen we het gebrul van zeehondjes (of zijn het leeuwen?). Deze beesten moeten ook ergens op de rotsen voor de kust zitten maar ze zijn nauwelijks van de rotsen zelf te onderscheiden. Alleen als ik een foto maak en inzoom kan ik ze zien zitten. Af toe komt een zwerm pelikanen overvliegen. Ze lijken ons even te begeleiden, maar we gaan te langzaam en zij vliegen verder.

’s Middags zien we in de verte iets wat op een paar huizen lijkt. We kunnen het nog moeilijk zien en we verwachten geen huizen vandaag. Tocopilla ligt nog bijna 60 kilometer verder. Maar als we dichterbij komen zien we het duidelijk. Huisjes. Hutjes. Rechthoekige huisjes en ronde hutjes met rieten daken. Het lijkt het Afrikamuseum bij Nijmegen wel. We gaan van de weg af en lopen het dorpje in. Verbaasd kijken de mensen op. Net zo verbaasd als wij zijn dat we een dorpje treffen, zo verbaasd zijn zij dat er twee wandelaars met vreemde karretjes hun dorp binnen komen gelopen.

‘Waar komen jullie vandaan?’, is de eerste vraag die een bewoner stelt. Alsof het antwoord niet ‘Iquique’ of ‘Holland’ is, maar ‘Mars’ of ‘Pluto’. Het ongeloof is ook groot als we vertellen dat we al meer dan 700 kilometer aan het lopen zijn en dat we nog wel even doorgaan. Maar met een kritische blik op onze karretjes, ons uiterlijk en onze schoenen krijgen we het voordeel van de twijfel en heeft men groot ontzag voor onze prestatie. En natuurlijk kunnen we in het dorp overnachten. We hoeven geen tent op te zetten, maar er staat nog wel een hutje leeg waar we onze slaapzakken kunnen uitrollen.

De houten hutjes met kapotte rieten daken zijn van een mijnbouwbedrijf. Met een koevoet wordt de deur van één van de hutjes open gebroken. Een ronde houten vloer, ongeveer 3 meter doorsnede, een stevige houten paal in het midden en een houten plafond, 1 meter 75 hoog. Ik kan er net niet rechtop in staan, maar we hebben in elk geval een dak boven ons hoofd. Het is wel een vreemde constructie en het duurt even voor ik in de gaten heb waar de hutjes van gemaakt zijn. Het zijn grote houten haspels, op hun kant gelegd en dichtgetimmerd. Slechts 1 meter 75 hoog, maar dat is toch nog stuk meer dan onze tent.

De man met de koevoet vertelt ons dat er tussen hier en Tocopilla nog een paar van dit soort gehuchten zijn. ‘Caleta’s’ heten ze. Eentje heeft zelfs een restaurant weet hij. Maar of er ook dit soort hutjes zijn en of we er kunnen overnachten dat weet hij niet. Voorlopig is regio 2 in elk geval een stuk minder verlaten dan gedacht, en dat is ook wel weer prettig.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Region 2: Antofagasta. Bookmark de permalink .

5 reacties op Onverwacht in een hut

  1. anke zegt:

    Hallo Arlen, Jeannette,
    Ben nu weer helemaal bij met het volgen van jullie verhalen. Filmpje gezien: helemaal top!
    Mooi dat jullie op deze dag – 25 juli, naamdag van Jacobus – bij toeval een dorpje tegen kwamen.
    Ik denk aan jullie, volg jullie.
    Heb het goed,
    Anke

  2. Jane en Mientje zegt:

    Hallo Arlen en Jeannette.
    Wat een geluk met zon hutje dan hoeven jullie in iedergeval geen tent op te zetten.
    Wij gaan morgen een paar dagen fietsen in de buurt van Utrecht en hopen echt dat we een betere
    slaapplaats hebben dan jullie.
    Hier is alles goed en we hopen dat het met jullie ook alles goed blijft gaan.

  3. Hennie van den Broek zegt:

    Hoi Arlen en Jeannette,

    Leuk dat jullie zo onverwachts toch nog in een dorpje uitkomen. Mooi dat je dan weer in zo’n hutje kunt slapen. Ja het is iedere keer weer een verrassing waar je komt te slapen. De foto’s zijn ook erg leuk met de zeehondjes op de rotsen. Zo te horen gaat het kei goed met jullie. Mooi zo. Geniet ervan en zet maar weer snel een verhaaltje op de site.

    Groetjes Hennie.

  4. Renee van Limborgh zegt:

    Wat een mazzel en ook weer een onverwacht verhaal. Maar beter dat het mee- dan tegenvalt natuurlijk!
    Ik kijk nu alweer uit naar jullie volgende etappe.

    Groet van Renée.

    • Marijke Croonen zegt:

      Ik hoop dat het niet geregend heeft die nacht in dat hutje. Wat geweldig die gidsen die voor vanalles en nog wat zorgen. Eten, drinken een slaapplek. Tel je zegeningen.
      En wie goed doet, goed ontmoet.

      Marijke

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s