Vast in Colchane

We lopen naar de carabineros om te vragen hoe het met de weg staat. Het is lekker weer, de zon schijnt, het waait niet hard, maar het is nog wel een beetje fris. Er is bijna geen sneeuw meer te zien in Colchane en ik kan me moeilijk voorstellen dat er nog veel problemen zijn op de weg naar Iquique. Het is vrijdag 8 juli, negen uur ’s ochtends en we zijn al bijna vier volle dagen in Colchane.

Gisteren waren we het wachten beu. We zijn gaan lopen vanuit Colchane met een dagrugzak in de richting van Iquique. Colchane ligt op kilometer 161 op de ruta 15. Dat betekent 161 kilometer tot Huara aan de ruta 5, de panamericano die van noord naar zuid Chili loopt. Vanuit Huara is het nog ongeveer 75 kilometer naar Iquique, aan de kust. Gisteren kwamen we nog af en toe een auto tegen, dus we liepen door tot ongeveer half drie en zijn toen gaan liften. Het duurde drie kwartier voor er een auto voorbijkwam. We waren inmiddels bij kilometer 141, 20 kilometer gelopen. Het waren werknemers van Onemi, die hier aan de weg aan het werken zijn. Zij hebben ons weer netjes in Colchane afgezet.

Het is rokerig in het groen-witte gebouw van de carabineros. In een grote open haard liggen een paar grote stukken hout en de rook gaat maar deels door de schoorsteen naar buiten. Aan een klein houten bureau zit een jonge politieagent. Achter hem staan twee andere agenten. Ze zijn helemaal in het groen gekleed en hebben dikken broeken en jassen aan en mutsen op. Ondanks de open haard is het niet warm binnen. De carabineros hebben geen goed nieuws over de weg. Gisteren was de weg even open, maar vandaag is de weg weer dicht. Tussen hier en Huara gaat de weg een pas over, 4300 meter, daar ligt veel sneeuw naast de weg en smeltwater bevriest weer op de weg. Over een lengte van 9 kilometer is de weg spekglad. Niemand mag erdoor. De carabineros gaan over half uurtje op patrouille naar Huara en terug en ze willen ons wel afzetten bij het kilometer 141 zodat we vanaf daar verder kunnen lopen. Het blijven aardige mensen die carabineros.

We wachten aan de rand van het dorp bij een bushalte. Misschien komt er eerder nog een auto waar we mee kunnen rijden. Een paar auto’s komen voorbij, maar ze gaan geen van allen naar kilometer 141, ze blijven in het dorp. Ook de carabineros zien we niet meer en naar ruim een uur gaan we eens informeren bij de carabineros. Ja, over een half uurtje gaan ze, maar of dat echt zo is, vertrouwen we niet meer zo. We wachten op het goene muurtje voor het gebouw van de carabineros. De patrouilleauto, een grote groen-witte pick-up truck met dubbele cabine, staat klaar op de oprit. Na een half uur komt een agent naar buiten, hij opent de deur van de pick-up. Wij staan op en kijken vol spanning wat de agent doet. Hij bukt zich, zoekt wat in de auto en gooit de deur de deur weer dicht. Hij heeft een pakje koekjes uit de auto gehaald en gaat weer naar binnen. Wij gaan weer op het muurtje zitten.

Even later komt een andere agent naar buiten. ‘Gaan jullie zo op patrouille?’, vraag ik. ‘Nog eventjes’, antwoordt hij. ‘We komen hier anders niet weg’, zeg ik. De agent kijkt verbaasd. Of we geen minibusje kunnen regelen? Dat hebben we een paar dagen geleden ook al geprobeerd, maar zonder succes. Kleine Japanse minibusjes rijden door het dorp. Normaal, als de weg tussen Iquique en Colchane open is en bussen in het dorp stoppen, brengen deze minibusjes mensen naar de grens met Bolivia, één kilometer verderop. Een ritje van 20 kilometer zouden ze wel interessant moeten vinden. Maar ze kijken ons vreemd aan en vragen bedragen van 40 duizend of 50 duizend pesos, 60 tot 75 euro voor twintig minuten rijden over een goede asfaltweg. Dat zijn bedragen die we in Nederland niet eens kwijt zijn. De agent gaat een busje zoeken, maar komt even later terug met een teleurstellend bericht: er zijn geen busjes voor ons.

Het is al na elf uur als ik weer een auto probeer aan te houden. Een rode pick-up met wegwerkers erin. Ze stoppen en ze gaan naar kilometer 141. Sterker, ze gaan verder, naar kilometer 109 om daar aan de weg te werken. Ik kan het bijna geloven, maar we mogen mee. Twee brede ongeschoren wegwerkers, met oranje hesjes en oranje veiligheidshelmen proberen achterin plaats te maken voor ons. Het is duwen en wringen, maar we kunnen erbij. Eindelijk kunnen we gaan lopen.

De rode pick-up stopt drie kilometer buiten Colchane bij een depot voor de wegwerkzaamheden. ‘Even wat ophalen’, zegt de chauffeur, en hij loopt naar een barak. Hij komt niet meer terug en de andere wegwerkers gaan kijken wat er aan de hand is. De plannen zijn blijkbaar gewijzigd. Wat er precies aan de hand weten we niet, maar de pick-up gaat even niet verder. Voor ons zit er niets anders op dan naar de weg te lopen en verder te liften, voor zover dat nog lukt.

Een uurtje en een paar auto’s later staan we er nog steeds. Geen enkele auto gaat naar kilometer 141. Bij het depot staan de wegwerkers, werkloos te wachten. Ze praten, ze bellen, maar verder gebeurt er niet veel. Jeannette ijsbeert over de weg. Ik zit op een steen. We hebben het gehad en lopen terug naar het dorp.

Om ongeveer één uur komen we weer bij ons hotel aan. We zijn vier uur verder en niets opgeschoten. De weg is dicht en niemand die ons een eindje op weg kan helpen. Zelfs de carabineros krijgen blijkbaar geen toestemming om te vertrekken en op patrouille te gaan.

Er is geen eten te koop in Colchane en het is zes dagen lopen naar Huara. We moeten onze proviand aanvullen om met onze wheelies te kunnen vertrekken of we hebben hulp nodig om dagetappes te lopen. Het is allebei niet mogelijk op dit moment.

Om vijf uur komt de hoteleigenaar aan bij het hotel. Hij is gisteren, toen de weg even open was, naar Iquique vertrokken en is nu terug gekomen met zijn auto vol proviand. Hij kon er vandaag dus wel door! We gaan weer naar de carbineros en willen uitleg. De weg is nog steeds dicht, zo verzekerd men ons, alleen voor noodgevallen gaat de weg open. We vinden ons inmiddels best een aardig noodgeval. Maar de carabineros verzekeren ons ook dat de weg vannacht om twaalf uur open gaat. Morgen kunnen we verder, anders brengen de carabineros ons naar Huara. Een mooie belofte, maar of we erop kunnen vertrouwen? We weten het niet meer. We willen weg. Morgen gaan we het weer proberen.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Region 1: Tarapaca. Bookmark de permalink .

4 reacties op Vast in Colchane

  1. marjon zegt:

    Ha Arlen en Jeannette,
    Ik hoop dat jullie de afgelopen dagen lekker gelopen hebben en met voldoening kunnen terugkijken. Nu het hier vakantie is, heb ik jullie avonturen gelezen en foto,s bekeken. Indrukwekkend en niet altijd gemakkelijk! Mooie foto’s van bijzondere landschappen. Ik hoop dat jullie een beetje in een ritme gaan komen en de gezondheidsproblemen voorbij zijn… en anders een time-out nemen. Heel veel succes en groetjes,
    Marjon

  2. Jan en Reggy zegt:

    Ha Arlen en Jeannette,

    Na onze vakantie in Engeland en Wales hebben we jullie belevenissen gelezen.
    De fotos zijn schitterend en de verhalen spannend, maar met de nodige strubbelingen (maakt het extra spannend!!!).
    Hopenlijk gaat het met de gezondheid nu beter en zijn jullie inmiddels vertrokken naar de kust want ik kan me voorstellen dat je van dagen wachten, al is de omgeving nog zo mooi, wel genoeg krijgt.
    Veel succes verder en we zijn benieuwd naar het vervolg van de tocht over de aangepaste route, maar denk wel aan jullie gezondheid!!!!

    Groeten van Reggy (en van Jan)

  3. Karl zegt:

    Hoi Arlen en Jeanette,

    Erg frusterend dat wachten. Maar helaas laat de natuur zich niet dwingen. Ik hoop dat jullie nu wel weer aangesterkt zijn en dat jullie verkoudheid ook over is. Hopelijk mogen jullie dan morgen echt verder, het mooie weer tegemoet. Hier is het lekker tennis-weer (22 graden, half bewolkt, weinig wind). Vanochtend heeft Amber bij de interne competitie haar wedstrijd van vandaag gewonnen. Ze is derde geworden in haar poule. Morgen zullen we ook wel op/bij de tennisbaan te vinden zijn, want Lydia heeft kantine-dienst bij de tennisvereniging in Diemen.
    Trouwens, mooie cactus voor het politie-kantoor. Op jullie foto lijkt het wel alsof er rook uit de cactus komt. Witte rook, m.a.w. groen licht om morgen weer door te gaan met de tocht!

    Groetjes,
    Karl

  4. Frans zegt:

    Hey Jeannette en Arlen,

    Colchane is de laatste jaren niets veranderd zie ik. De weg naar Huara is een mooie dus hopelijk kunnen jullie daar vandaag van gaan genieten. Het zullen nog wel twee koude nachten worden, maar dan zal de nachtrust en extra zuurstof jullie weer van nieuwe energie voorzien. Zet m op!

    Gegroet,

    Frans

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s